Psalm 44

Vandaag is de dag van Psalm 44. We lezen vers 9 tot en met 27.

Toen ik 17 jaar oud was, voer ik als matroos bij mijn neef die net een ander, groot schip gekocht had. Flinke hypotheek, maar vast werk dus als we maar hard genoeg ons best deden kwam het allemaal goed. Dag en nacht voeren we met zand en grind heen en weer vanaf de Maas bij Maasbracht naar een betoncentrale in Amsterdam. Al in de eerste week zat ik 's nachts in de stuurhut te varen terwijl mijn neef beneden op de bank sliep. Als er iets was moest ik hem maar even roepen. In de praktijk kwam het er op neer dat ik kon roepen wat ik wilde, maar hem wakker krijgen: 'ho, maar!' Ons vaarschema eiste dermate zijn tol, dat slapen gelijk stond aan een soort coma. Gevolg was wel dat ik snel leerde om zelfstandig te varen in het donker. Vanwege een overdosis aan genade is er ook nooit wat gebeurd en is het altijd goed gegaan.

In de psalm van vandaag lezen we hoe het volk van God lijdt onder een militaire nederlaag en daaruit voortkomende verstrooiing en God daarvoor ter verantwoording roept: "U hebt ons verstoten en vernederd, U trok niet ten strijde met onze legers. U hebt uw volk van de hand gedaan." Beschuldiging na beschuldiging stapelen zich op. Allemaal geadresseerd aan God. Het is een manier van omgaan met God die wij misschien niet zo gewend zijn. Is God niet te heilig, te almachtig om Hem op zo'n manier aan te spreken? Wie denken we wel niet dat we zijn? Maar toch….de Psalmen hebben eeuwen aan traditie en redactie doorstaan en zijn aan ons overgeleverd als Woord van God. Blijkbaar zijn dit toch woorden die een plaats kunnen hebben in onze relatie met de Allerhoogste.

De klachten aan God worden uitgesproken in het licht van een geschiedenis waarin het volk God gekend had als redder. Het eerste deel van de psalm eindigt met een lofprijzing vanwege die geschiedenis: 'God, wij loven U dag na dag, uw naam zullen wij altijd prijzen.'
Maar nu was alles anders. Legers waren gekomen. Haters en belagers hadden hen leeggeroofd. Ze waren als slachtvee door God uitgeleverd, van de hand gedaan. Ze waren een mikpunt van spot geworden, gesmaad, gehoond en belachelijk gemaakt.

Vanuit het perspectief van het volk zien ze niet waarom dit alles is gebeurd. Waarom God zijn hand heeft teruggetrokken. Deze psalm geeft taal aan de diepte van lijden in relatie tot God. Als verbroken relaties, ziekte of dood ons leven raakt, juist waar we dicht bij God leven kunnen we het met de psalmist uitroepen: "Word wakker, Heer, waarom slaapt U?" Dit is misschien wel de oproep die op dit moment in jouw leven past. In de ziekte van je kind, in het verliezen van een dierbare, vanuit de machteloosheid die je soms kan ervaren in datgene waar je midden in zit. "Word wakker, Heer, waarom slaapt U?". Ziet U dan niet wat er aan de hand is?

Het is roep van de discipelen tijdens de storm op het meer toen Jezus achterin de boot lag te slapen. "Meester, kan het U niet schelen dat we vergaan? Golf na golf kwam over het schip terwijl de storm aanhield en de nacht steeds donkerder werd. En Jezus sliep. Kan het U niet schelen wat er in mijn leven gebeurt Heer? Hoe golf na golf mijn boot doet vollopen? Hoe de storm aanhoudt en het steeds donkerder wordt? Word wakker Heer, waarom slaapt U?
Jezus wordt wakker, stilt de storm en bevraagt zijn discipelen op hun geloof. In de kern komt de vraag van Jezus neer op de vraag: Kun je leven met een slapende Heer? Kun je vertrouwen op een God die ver weg lijkt?

Het is dit geloof waarin de psalmist zijn psalm besluit. "Verlos ons, omwille van Uw trouw" zegt hij. Zelfs in de diepste nood en twijfel. Na de beschuldigingen en conclusies die de psalmist heeft geuit naar God eindigt de psalmist met de belijdenis dat God trouw is. En dat God vanuit Zijn trouw de verlossende en reddende God is waarmee de psalmist de psalm begon. De psalm laat zien hoe binnen dat geloof in Gods trouw ook ruimte is voor de klacht, de beschuldiging, de machteloosheid die het leven ons geeft. God kan er tegen als we onszelf zijn bij Hem.

Er zijn momenten in ons leven dat het lijkt of we teruggeworpen worden op alleen onszelf. Zoals dat moment dat ik mijn neef niet wakker kreeg in de situaties die 's nachts ontstonden. Of misschien wel veel heftiger in jouw leven nu. Bidt de woorden van Psalm 44 en breng het bij God. Het helpt ons om te leren verdragen als het er voor ons op lijkt dat God slaapt. Om daarvandaan met de psalmist ook weer de weg te vinden naar het dragende geloof in Gods trouw.